Veel mensen zien de God van het Oude Testament als een God van toorn en oordeel, terwijl ze de God die in het Nieuwe Testament geopenbaard wordt, zien als liefdevol, barmhartig en genadig. Ze wijzen vaak op passages waarin God de vernietiging van bepaalde etnische groepen beveelt als bewijs voor dit contrast. Dit artikel is een vertaling van deze video waarin John Lennox uitlegt hoe Gods rechtvaardigheid en liefde niet tegenstrijdig zijn maar essentiële en onlosmakelijke aspecten van Zijn karakter vormen.
John Lennox: laten we een nogal provocerende vraag stellen, namelijk: is God van gedachten veranderd?
Verschilt de God van het Oude Testament van de God van het Nieuwe Testament? Veel mensen zien de God van het Oude Testament als een God van toorn en oordeel terwijl ze de God die in het Nieuwe Verbond geopenbaard is, zien als liefdevol, meedogend en barmhartig. Ze wijzen vaak op passages waarin God de vernietiging van bepaalde etnische groepen beveelt in het Oude Testament als bewijs van dit contrast.
Laten we eens kijken naar het Oude Testament, Psalm 109:12,13. Deze psalm staat bekend om enkele van de meest angstaanjagend strenge vloeken in de Bijbel. Er staat: “Dat niemand hem trouw blijft, niemand zich ontfermt over zijn kinderen, dat zijn nageslacht voorgoed verdwijnt, hun naam na hun leven wordt uitgewist.” We kunnen natuurlijk ook niet alleen naar Psalm 109 kijken, maar ook naar de boeken Exodus en Deuteronomium, waar we Gods gebod dat leidt tot de invasie van Kanaän en zijn toestemming om de Israëlieten in Egypte tot slaaf te maken. God lijkt zijn besluit dus al te hebben genomen in het Oude Testament. Hoe verhouden we Gods daden in het Oude Testament tot de mensgeworden God van het Nieuwe Testament? Een God van liefde, een God van vrede, een God van genezing en die de andere wang toekeert. De vraag is dan ook: heeft God zijn mening over rechtvaardigheid hier op aarde veranderd, van het Oude Testament naar het Nieuwe Testament?
Wel, laat ik dat eens wat verder toelichten. Bijvoorbeeld Psalm 109. Dat is niet God die spreekt. Dat is de psalmist die spreekt. Nu, als we naar de Bijbel kijken, is er iets interessants. Niet alles wat in de Bijbel staat, is Gods wil, toch? We lezen het verhaal van David die overspel pleegt. En God keurt dat later af. En ik denk dat we, zoals C.S. Lewis al opmerkte, open moeten staan voor het idee dat sommige psalmen een weergave zijn van wat bepaalde mensen dachten, maar dat het niet per se een weerspiegeling is van Gods houding. En je kunt iemand begrijpen die vreselijk heeft geleden, dat doen mensen, zoals je weet. Je hoort ze voortdurend wraak wensen aan hun vijanden. Dus ik zou God het voordeel van de twijfel geven en zeggen: deze dingen staan weliswaar opgetekend en ik geloof dat ze geïnspireerd zijn, maar het zijn niet per se houdingen waarvan je denkt: oh, dat is de juiste houding, want zo staat het in die psalm. Ik denk dat ze er zijn zodat we kunnen zien dat dit echte mensen zijn met een breed scala aan emoties. Sommigen van hen zijn heel goed en sommigen zijn heel verdacht en we moeten leren met hen om te gaan. Het veel belangrijkere punt voor mij is uw tweede punt omdat hier het daadwerkelijke punt in de vraag werd genoemd waarop we weten dat God ingrijpt. Mag ik dat punt aanhalen, want ik denk dat het het meest inhoudelijke punt is. Het komt steeds weer ter sprake dat in Deuteronomium het bevel staat aan Jozua om Kanaän binnen te trekken en iedereen uit te roeien. Ziet u? En mensen zeggen: “Maar dit is etnische zuivering, dit is genocide en God zit hierachter.” Nu neem ik dat zeer serieus en mijn antwoord is in het kort dit: Ten eerste wordt deze gebeurtenis beschreven in een boek, niet een obscuur boek van de Bijbel, maar een boek dat de moraal definieert waarmee we het bekritiseren. Dat is zeer treffend. De wetten van humanitaire oorlogvoering, de eerste in de geschiedenis, staan in hetzelfde boek, Deuteronomium. En zoals Lord Saxs, de voormalige opperrabbijn, al opmerkte, zei hij dat ze zeer humanitair waren. Spaar de vrouwen en kinderen. Spaar de bomen, zoek vrede voordat je oorlog voert enzovoort. Het staat allemaal in het boek dat deze gebeurtenis beschrijft. Dus het eerste waar je mee geconfronteerd wordt, is dat dit buitengewoon ongebruikelijk moet zijn. Dat is het eerste punt. Het tweede punt is dat de reden die in Deuteronomium wordt gegeven voor die inval in Kanaän moreel van aard is. Het was vanwege de extreme goddeloosheid en het betrof enkele van de ergste excessen van kinderoffers die de wereld ooit heeft gezien. En in feite is het grotere Bijbelse beeld, zoals het wordt gesteld, dat God 400 jaar heeft gewacht, en gewacht en gewacht en gewacht, en dat Hij de inval in het land Kanaän toestond, samenvallend met het hoogtepunt van die goddeloosheid, en het vervolgens oordeelde. Het volgende punt is dat God Israël vertelde dat als ze zich op dezelfde manier zouden gedragen, ze dezelfde straf zouden ontvangen. Het gaat hier dus niet om een arrogante natie die binnenvalt om etnische zuivering te plegen. Er wordt hen verteld dat ze ermee moeten omgaan omdat het moreel verwerpelijk is. Maar als ze een compromis sluiten met hetzelfde, krijgen ze dezelfde straf. En dat is ook daadwerkelijk gebeurd.
Dus waar het zich dan op richt, en ik ben veel verschuldigd aan geleerden zoals Nicholas Walters, ik denk dat hij in Harvard of Yale zit, die dit in detail hebben bestudeerd. Er was onlangs nog een grote conferentie hierover. Al dat gedoe om ze allemaal te doden. Dood ze allemaal. En het wordt herhaald. En hij wijst erop dat het zo vaak wordt herhaald dat het wel een oude formule moet zijn.
Nu, als ik tegen je zou zeggen: “Heel Engeland kwam naar de begrafenis van prinses Diana.” Nou, sommige mensen lagen ziek in bed, weet je, en wat met de rest… Maar we weten wat het betekent, een aanzienlijk aantal. En Walters’ conclusie, als een van ’s werelds meest vooraanstaande bijbelgeleerden, is dat wat dit betekent: een beslissende overwinning behalen. En de reden dat het in een van de meest morele boeken van het Oude Testament staat, is dat de oorlogsregels in dat boek niet daadwerkelijk zijn overtreden. Want als je jezelf de vraag stelt: werden al deze steden vernietigd? Het antwoord is neen. Want ze verschijnen allemaal weer, bevolkt. Het werd dus niet letterlijk uitgevoerd. En om al die redenen denk ik dat we een veranderend beeld beginnen te krijgen.
En ook het idee dat de God van het Oude Testament een boze God is en de God van het Nieuwe Testament een God van liefde is, klopt niet. God is een God van barmhartigheid, lankmoedigheid, dat alles komt uit het Oude Testament, niet uit het Nieuwe. Dus ik denk dat er manieren zijn om dat te benaderen maar die laten een enorme vraag onbeantwoord, en die enorme vraag is – en dat is wat we niet prettig vinden – we houden niet van het concept van oordeel. We vinden het nog minder prettig als er menselijk handelen bij betrokken is, zoals Jozua die een stam oordeelde. Maar we vinden het niet prettig. Er werden mensen gedood. Maar zoals ik al zei, er zullen nog veel onschuldige mensen sterven terwijl ik dit zeg. Dus we moeten dit onder ogen zien, en het is echt die laatste vraag, die vraag van oordeel en gerechtigheid. En je ziet, dit is een heel belangrijk onderdeel van het christendom.
Richard Dawkins zegt dat er geen rechtvaardigheid in de wereld bestaat. En hier is de tragedie: ik heb het hier met hem over gehad tijdens een van onze debatten en hij zei dat we moeten werken voor rechtvaardigheid in deze wereld. En ik zei: “Ja, Richard, dat moeten we.” Maar laten we realistisch zijn over hoe bevoorrecht we hier zijn. We hebben enige hoop dat we rechtvaardigheid zullen krijgen als er iets misgaat maar miljoenen mensen in de wereld zullen in dit leven geen rechtvaardigheid krijgen. En als de dood het einde is, zullen ze nooit rechtvaardigheid krijgen. En dat neem ik heel serieus.
Hier zijn wij, mensen, die om rechtvaardigheid schreeuwen. En zoals Lewis opmerkt, zou het een heel vreemde wereld zijn waarin we dorst zouden hebben, maar er geen water zou bestaan. Waarin we seksueel verlangen zouden voelen, maar er geen seksuele bevrediging zou bestaan. Dat zou een heel vreemde wereld zijn. Rechtvaardigheid is een enorm belangrijk concept in onze samenleving. En toch houden we vast aan een filosofie die het uiteindelijk ontkent. Er bestaat geen ultieme rechtvaardigheid in deze wereld. Uiteindelijk komt de terrorist die jou, je familie en misschien een deel van je land vernietigt en vervolgens zelfmoord pleegt ermee weg.
Dat lijkt mij in tegenspraak met alles wat ons als mens definieert. En wat de Bijbel zegt, is dat er een laatste oordeel zal zijn. En dat wordt aangekondigd als iets prachtigs om te verwelkomen: dat God de wereld zal oordelen omdat de persoon door wie Hij de wereld zal oordelen dezelfde persoon is die aan het kruis heeft geleden en is opgestaan. En dat is waar ik dit alles samenbreng, wat ik geloof.
Ik geloof dat als we zouden kunnen zien wat God heeft gedaan met mensen die onschuldig hebben geleden we gewoon verstomt zouden staan en geen vragen meer zouden hebben. Want als er een God van liefde is, zoals ik geloof, die is zoals Jezus Christus, dan geloof ik dat Hij op een manier zal compenseren die ons allemaal met verstomming zal slaan. Maar dat zullen we pas zien als we het hele plaatje hebben gezien.


