Inleiding
Wanneer men het Nieuwe Testament leest, en in het bijzonder het boek Handelingen en de brieven van de apostelen, valt het op dat er zeer uiteenlopende interpretaties bestaan van het Woord van God binnen de vele, al dan niet christelijke, kerken. Dit ondanks de duidelijke waarschuwingen van de apostelen om de waarheid te bewaren en eendrachtig te blijven. Als gevolg daarvan zijn er helaas vele (zeer vele) “christelijke” kerken of denominaties ontstaan. Nochtans zijn de meeste verzen duidelijk te verstaan en laten ze weinig tot geen andere uitleg toe. Net dat punt voedt het argument van niet-gelovigen om te zeggen dat het eigenlijk er niet toe doet wát je gelooft, als je je maar goed voelt bij wat je gelooft. Men concludeert daardoor dat de Bijbel slechts een verzinsel is, ontsproten uit het menselijke brein.
Een labyrint van wegen!
De weg naar God bestaat dus niet meer uit het kiezen uit de weg die naar het verderf leidt en de smalle weg die naar het eeuwige leven leidt (Matteüs 7:13-14), maar uit een heel labyrint van wegen die bedoelt zijn om de mens af te brengen van de waarheid. Een labyrint vol geestelijke gevaren en misleidingen. De weg naar het verderf heeft vele zijwegen gekregen vol met weer andere zijwegen en vertakkingen. Zei Christus zelf niet dat de satan een leugenaar was vanaf het begin van de schepping (Joh 8:44)? De satan heeft als het ware vele aftakkingen gemaakt van de goede, smalle weg naar de vele brede wegen.
Hoe kunnen we echter onderscheid maken, navigeren als het ware, op al die wegen, zodat onze eindbestemming naar de hemel, bij Christus, leidt?
In Matteüs 7:13,14 zegt Jezus “Ga binnen door de nauwe poort, want wijd is de poort en breed is de weg die naar het verderf leidt, en velen zijn er die daardoor naar binnen gaan; maar nauw is de poort en smal is de weg die naar het leven leidt, en weinigen zijn er die hem vinden.” Deze tekst maakt deel uit van Jezus’ Bergrede, waarin Hij oproept om de juiste, maar moeilijke, juiste weg te kiezen. In Johannes 14:6 zegt Jezus: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven”. Jezus zegt hier dat Hij de Weg is in Zijn Woord, de Bijbel.

Het is dus zaak om de goede Weg te kiezen. Hoe kunnen we dat doen? Het is eigenlijk net zoals als je een flinke wandeling wil doen waarbij je op voorhand de weg niet kent maar je wél het eindpunt, einddoel, wil bereiken. Daarvoor gebruikt men een geschikte landkaart (of tegenwoordig GPS) én voldoende voedsel om onderweg wat te eten en te drinken, je wil immers niet verzwakken door de inspanningen die geleverd moeten worden. Je moet daarbij ook natuurlijk wel de correcte landkaart gebruiken of een GPS die steeds verbinding staat met de GPS-satellieten. Die verbinding moet constant zijn anders wordt het moeilijk of haast onmogelijk om je eindpunt te bereiken. Dit zijn dus allemaal voorwaarden om onze eindbestemming te bereiken. Zo is het ook met ons leven: willen we zeker zijn dat we steeds de goede weg naar ons heil bewandelen, dan moeten we steeds in verbinding staan met God. We doen dat door Gods Landkaart, Zijn Woord, als onze gids te gebruiken en daarbij ons zo steeds geestelijk te voeden (het proviand voor onderweg!) met Zijn Woord en constant biddend tot God, om zo met Hem steeds in contact te blijven om op de goede weg te blijven.
Nota bene: om een goede positiebepaling te hebben en om zeker te weten wáár we zijn, zijn er steeds drie satellieten nodig die in verbinding staan met onze GPS. Onze geestelijke drie satellieten voor onze geestelijke GPS zijn Jezus Christus, God en de Heilige Geest!
Valse landkaarten
Maar pas op! Er zijn echter vele valse landkaarten, afleidingen van de enige goede Landkaart (Gods Woord). Bvb het boek van Mormon of de Nieuwe Wereld Vertaling (Jehova’s getuigen) waarbij men bewust de wegen naar God heeft aangepast, of zelfs wegen en paden heeft bijgetekend. De bedoeling van deze valse wegen heeft uiteindelijk maar één doel: ons afbrengen van de Waarheid van Gods Woord en de mens op een dwaalspoor te brengen.
Hoe weet je echter of je al dan niet over een goede landkaart beschikt? Een eerste vereiste is te geloven in God en Hem lief te hebben met heel je hart en ziel en dat uit te dragen naar je evennaaste: Matteüs 22:37-38: “Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand. Dit is het grote en eerste gebod. Het tweede, daaraan gelijk, is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. “. Als men God liefheeft, doet men Zijn wil, zoals Hij hier opdraagt hier in Matt 22:38. Dit vraagt dus een wil tot groei naar Hem toe, ja een volledige overlevering van jezelf aan Hem, Zijn Woord, de Bijbel, als het enige juiste Woord te aanvaarden en op zoek te gaan naar die enige Waarheid van God. ALLE religies die dus NA de brieven van de apostelen komen, zoals bvb het boek van Mormon, de Nieuwe Wereld Vertaling of wat dan ook, zijn dan dus duidelijk vals. Lees de waarschuwing van Paulus dat indien er een afwijkend geloof gebracht wordt deze duidelijk vals zijn: Gal 1:6-8 “Het verbaast mij, dat gij u zo schielijk van degene, die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een ander evangelie, en dat is geen evangelie. Er zijn echter sommigen, die u in verwarring brengen en het evangelie van Christus willen verdraaien. Maar ook al zouden wij, of een engel uit de hemel, [u] een evangelie verkondigen, afwijkend van hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt!”(lees ook 1 Tim 6:3-5 ; Rom 16:17 ; 2 Petrus 2:1 ).
Volg ik een verkeerde weg?
Indien men dus bemerkt dat men bij een kerk of geloofsgemeenschap is en deze duidelijk iets leert wat indruist met wat men in de Bijbel leest, dan moet er met een gesprek duidelijkheid geschapen worden. Men moet zich dan de vraag stellen: “heb ik wel goed verstaan wat men mij hier zegt”, “wordt dit inderdaad wel zó gezegd in Gods Woord?” en de vraag die daardoor voortvloeit: “ben ik wel het juiste pad aan het bewandelen?”. Men moet dan een gesprek aangaan met degene die volgens jou Gods Woord verkeerd brengt, iets foutief leert”. Immers, Gods Woord is een continu leerproces dat volledige eerlijkheid en objectiviteit van zichzelf vraagt. Wil men echter geen afstand nemen van de foute leer, dan dient men deze geloofsgemeenschap te verlaten en op zoek te gaan naar één die wél het Woord van God verkondigd. Dit kan echter een heel zoekproces zijn dat misschien wel jaren kan duren. Matteüs 18:15 “Indien uw broeder zondigt, ga heen, bestraf hem onder vier ogen. Indien hij naar u luistert, hebt gij uw broeder gewonnen. Indien hij niet luistert, neem dan nog een of twee met u mede, opdat op de verklaring van twee getuigen of van drie elke zaak vaststa. Indien hij naar hen niet luistert, zeg het dan aan de gemeente. Indien hij naar de gemeente niet luistert, dan zij hij u als de heiden en de tollenaar.” Lees terug Gal 1:6-8.
Helaas zijn er zoveel verkeerde en valse wegen om de mens af te leiden van Gods Woord dat het groeiproces, het inzicht om tot de ene Waarheid van God te komen, dikwijls moeilijk kan zijn met een zoektocht van lange adem als gevolg. Bidt God voor hulp daarbij: Jer 29:12-“Dan zult gij Mij aanroepen en heengaan en tot Mij bidden, en Ik zal naar u horen; dan zult gij Mij zoeken en vinden, wanneer gij naar Mij vraagt met uw ganse hart. Dan zal Ik Mij door u laten vinden, luidt het woord des Heren,… “. Je ziet: het hart speelt een cruciale rol.
Weet echter dan, zoals hier reeds eerder gezegd dat alles echter besloten is in wie men echt is: heeft men God oprecht lief en de evennaaste als zichzelf?
Als men God liefheeft, onderhoudt men Zijn wil, Zijn geboden. Daarvoor dient men tot inzicht te komen dat God je het eerste lief had. Je ziet dat goed in het NT waar mensen tot inzicht kwamen. Inzicht gaat vooraf aan het tot inkeer (bekering) komen, de volgende stap daarbij is de doop (Hand 2:37, 38).
Ontbreekt echter het “geestelijk verstandelijk” vermogen om alles te begrijpen, dan is men behouden, zie Matt 5:3 “Zalig de armen van geest, want hunner is het Koninkrijk der hemelen.”
Johannes 14:21 “Wie mijn geboden heeft en ze bewaart, die is het, die Mij liefheeft; en wie Mij liefheeft, zal geliefd worden door mijn Vader en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren. ”
Lees ook 1 Kon 8:39; Jeremia 17:10; 1 Samuel 16:7: Romeinen 2:16.: 1 Korintiërs 4:4-5. Enkel God kent een ieders hart en enkel Hij kan én zal oordelen over wie er behouden wordt.
Je levenswandel.
Je levenswandel toont aan de mensen dat je anders bent. 1 Joh 2:3-6 “En hieraan onderkennen wij, dat wij Hem kennen: indien wij zijn geboden bewaren. Wie zegt: Ik ken Hem, en zijn geboden niet bewaart, is een leugenaar en in die is de waarheid niet; maar wie zijn woord bewaart, in die is waarlijk de liefde Gods volmaakt. Hieraan onderkennen wij, dat wij in Hem zijn. Wie zegt, dat hij in Hem blijft, behoort ook zelf zó te wandelen, als Hij gewandeld heeft.” Men moet dus aan jou kunnen zien dat je een andere weg bewandeld dan zo vele anderen. Men ziet dit onder andere dat we een licht zijn in deze duistere wereld: Matteüs 5:14 “Jullie zijn het licht voor de wereld. Een stad die op een berg ligt, kan niet verborgen blijven”. Gods Woord is daarbij ons licht. Psalm 119:105 “Uw woord is een lamp voor mijn voet, een licht op mijn pad”. Joh 13:35: “Hieraan zullen allen weten, dat gij discipelen van Mij zijt, indien gij liefde hebt onder elkander.” 2 Kor 3:23,3 “Onze brief zijt gij, geschreven in onze harten, kenbaar en leesbaar voor alle mensen, daar gij toont een brief van Christus te zijn, door onze dienst opgesteld, niet met inkt geschreven, maar met de Geest van de levende God, niet op tafelen van steen, maar op tafelen van vlees in de harten.” Het Woord van God, Zijn liefdegebod moet door anderen “afleesbaar” zijn. M.a.w. aan onze levenswandel moet men kunnen zien dat we het liefdegebod toepassen in ons leven. Matt 5:16 “Laat zo uw licht schijnen voor de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader, die in de hemelen is, verheerlijken.” Ef 4:31,32 “Alle bitterheid, gramschap, toorn, getier en gevloek worde uit uw midden gebannen, evenals alle kwaadaardigheid. Maar weest jegens elkander vriendelijk, barmhartig, elkander vergevend, zoals God in Christus u vergeving geschonken heeft.” En laat ons niet vergeten: “Zo is dan wie in Christus is een nieuwe schepping; het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen” (2 Kor 5: 17).
De juiste weg.
Wat is dan de juiste weg? De Bijbel spreekt eigenlijk veel over het vinden van de “juiste weg”, vaak in de context van het volgen van Gods wil of het maken van de juiste levenskeuzes. Hier zijn enkele bekende verzen:
- Spreuken 3:5-6: “Vertrouw op de HEER met heel je hart, steun niet op eigen inzicht. Denk aan Hem bij alles wat je doet, dan zal Hij je paden rechtmaken.” Dit vers benadrukt vertrouwen in God voor richting.
- Jeremia 6:16: “Zo zegt de HEER: Ga op de kruispunten staan, denk na, kijk naar de oude wegen. Welke weg leidt naar het goede? Sla die in, en vind rust voor jezelf.” Hier wordt men uitgenodigd tot bezinning en het kiezen van de beproefde, goede weg.
Persoonlijk vind ik dit een erg mooi Bijbelvers: “ga op de kruispunten staan, denk na, welke weg leidt naar het goede”. Als we dan daar op het kruispunt staan en zien anderen twijfelen welke weg te nemen, kunnen we andere helpen met de juiste weg te kiezen. -
Psalm 119:105: “Uw woord is een lamp voor mijn voet, een licht op mijn pad.” Dit vers benadrukt dat Gods Woord richting geeft in het dagelijks leven.
- Spreuken 16:9: “Een mens bedenkt zijn weg, maar de HEER toetst wat hem ten diepste beweegt.” Dit vers wijst op het verschil tussen eigen plannen die men soms heeft en Gods leiding.
Maar de meest bekende, en belangrijkste is Johannes 14:6: “Jezus zei: Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij.” Jezus Christus is de enige Weg die ten leven leidt!






